Welkom bij Sasquatsch
© Sasquatsch
Laatste wijziging: 17 mei 2006
 

Over Sasquatsch


Op deze pagina wordt een kort overzicht gegeven over de legende en geschiedenis van de Sasquatsch en zijn soortgenoten de Yeti en Bigfoot.

     

Sasquatsch en Bigfoot

De Sasquatsch (inheems-Indiaans voor "Harige Reus") is ook bekend onder de naam Big Foot en is in veel gebieden van de VS en Canada waargenomen. De Sasquatsch wordt meestal beschreven als een zeer krachtig gebouwd, aapachtig wezen van twee tot vier meter lengte, dat vrijwel rechtop loopt. Het heeft een donkere huid die meestal bedekt is met een diepbruine of zwarte vacht, een wijkend voorhoofd, een brede, platte neus, opvallend lange armen die tijdens het lopen heen en weer zwaaien, krachtig gespierde poten, geen staart en zeer grote voeten die vijftenige afdrukken tot een halve meter lengte achterlaten (hoewel ook drie- en viertenige afdrukken zijn gesignaleerd.)

Filmshot van de Sasquatsch door Robert Patterson

Het wezen schijnt allerlei planten te eten, inclusief wortels en bessen, maar ook dieren zoals herten. Het houdt zich op in dichtbegroeide bosgebieden, soms ook in familieverband, en is berucht om zijn schuwheid en ongrijpbaarheid.

Tot 20 oktober 1967 hadden slechts weinigen buiten Noord-Amerika er ooit van gehoord. Op deze dag schoot veefokker Robert Patterson een stukje amateurfilm dat de hele wereld zou overgaan. Samen met zijn compagnon Bob Gimlin reed hij te paard langs de Bluff Creek in Noord-Californië, toen de mannen aan de overkant van het water iets groots en harigs zagen. De paarden werden schichtig, het wezen ging rechtop staan en bleek een reusachtig, gorilla-achtig beest te zijn, met goed ontwikkelde borsten, donkerbruine vacht en een opvallend spitse kop. Het beest ging er op de achterpoten snel vandoor en keek nog even om naar de twee verblufte ooggetuigen, alvorens in het omringende bos te verdwijnen. Maar Patterson rende er te voet achteraan en kon er met zijn filmcamera nog wat kleuropnamen van maken.

Tegenwoordig is de Sasquatsch echter een van ’s werelds bekendste (zij het ook schuwste) beestmensen, die door honderden ooggetuigen is gesignaleerd.

Sommige cryptozoölogen geloven dat de Noord-Amerikaanse Sasquatch een Nieuwe-Wereldversie is van de uitgestorven reuzenprimaat Gigantopethicus. De Experts hebben als theorie dat een klein aantal van deze wezens is blijven bestaan en in Europa en Azië bekend is geworden als de Verschrikkelijke sneeuwman, oftewel de Yeti.

Fossielen van dit dier, dat wordt beschouwd als een hoogontwikkelde aap, of als een aapachtig familielid van de mens zelf, zijn tot nu toe alleen in Azië aangetroffen; de jongste ervan is 300.000 jaar oud. In die tijd was Siberië door een landtong met Alaska verbonden, zodat sommige populaties van de Oude naar de Nieuwe Wereld konden trekken.

 

De Yeti

Lange tijd werd aangenomen dat er slechts één Yeti-soort bestond, maar in 1960 onthulde Sir Edmund Hillary, de beroemde bergbeklimmer en Yeti-jager, dat de Nepalezen zelfs drie verschillende soorten kenden. De Tehlma, Mehteh en Dzuteh.

De Tehlma is de kleinste, ongeveer één meter groot, met een rode vacht en kleine voeten. Dit wezen houdt zich op in de betrekkelijk warme Himalaya-valleien van Nepal en Tibet en lijkt op een primitieve vorm van de menselijke pygmee.

Sasquatsch
Voetstap in de sneeuw

De Mehteh staat wordt gezien als de ‘echte’ Yeti, het bekende type dat in de meeste verslagen voorkomt. Hoewel woonachtig in dezelfde gebieden als de Tehlma, heeft de Mehteh een manshoog voorkomen met een kegelvormige kop en een roodbruine vacht. Dit wezen verblijft meestal in de dichtbegroeide bergwouden; wanneer het op grotere hoogte soms een kale sneeuwvlakte moet oversteken, laat het de beroemde ‘Sneeuwman’-voetsporen met twee grote tenen achter.

De grootste van de drie Yeti’s is de Dzuteh, ook wel Rimi genoemd, die tot drie meter lang schijnt te zijn. Deze heeft een ruige, donkere vacht en zeer grote voeten, met afdrukken die op mensenvoeten lijken. In tegenstelling tot andere Yeti’s leeft de Dzuteh niet in de Himalaya, maar wordt gesignaleerd in de hoogste, meest onbegaanbare gebieden van Tibet, Bangladesh, Myanmar, Mantsjoerije en Noord-Vietnam. Sommige onderzoekers denken dat deze reuzenyeti een overlevende nazaat is van de Gigantopethicus en verwant is aan de Sasquatsch.

In de afgelopen eeuw zijn talloze expedities op zoek geweest naar de ongrijpbare Yeti. Ze werden op touw gezet door beroemdheden als Sir Edmund Hillary, Lord Hunt, kolonel John Blashford-Snell, de Texaanse oliemiljonair Tom Slick en de Britse alpinist Chris Bonington – maar veel bewijzen heeft het allemaal niet opgeleverd. Zelfs de roemruchte Yeti-schedel, die Hillary in 1960 in bruikleen kreeg van het Nepalese Khumjung-klooster en naar Engeland meenam, bleek later te zijn vervaardigd uit de huid van een geitachtige bergantilope, de serow.

Nog in 1996 ontdekten twee Australische artsen tijdens hun trektocht door de Himalaya een afgelegen grot bij de waterval van Yalung La, waarin ze een strobed aantroffen. Hun sherpa’s beweerden dat het hier om een rustplaats voor Yeti’s ging, maar de Yeti’s zelf waren in geen velden of wegen te bekennen.

Ironisch genoeg is het waarschijnlijk allerbeste bewijsstuk voor het bestaan van minstens één Yeti-soort blijkbaar vernietigd, nog vóór de wetenschap er kennis van kon nemen. In 1953 beweerde de Tibetaanse lama Chemed Rigdzin Dorje Lopu dat hij in verschillende kloosters twee gemummificeerde exemplaren van de reuzenyeti of Dzuteh had onderzocht. De Tibetanen staan bekend om hun mummificeringstechniek en deze bewaard gebleven Yeti's hadden de zoölogie dus het lang verwachtte antwoord kunnen geven op de vraag of de reuzenyeti inderdaad een overlevende nazaat van de Gigantopethicus was. Maar nadat Tibet in 1959 door China onder de voet was gelopen, werden duizenden kloosters geplunderd, waarna er helaas niets meer is vernomen over de door Lopu gesignaleerde Yeti-mummies.

De beroemdste Yeti-voetsporen werden in 1951 gefotografeerd door de Britse alpinist Eric Shipton, op de Menlung-gletscher bij de Nepalees-Tibetaanse grens. Op sommige foto’s staat bij wijze van schaalaanduiding een pikhouweel afgebeeld; uit de reeks blijkt het voornaamste verschil tussen Yeti- en menselijke voetsporen: de Yeti schijnt een opvallend lange en brede tweede grote teen te bezitten. Veel van de voetafdrukken die aan de Sasquatch worden toegeschreven zijn door de wetenschap intussen afgedaan als nep, maar een paar ervan lijken toch wel echt te zijn. Bij die afdrukken zijn dunne richels op de voetzolen en onder de tenen zichtbaar, ongeveer zoals bij vingerafdrukken. Zoiets is niet alleen lastig na te maken, maar het is bovendien een lichaamskenmerk van hogere primaten – dus geen afdruk van een beer, het dier dat sceptici noemen als het om de identiteit van de Sasquatch gaat.

Voetafdruk gefotograveerd door Eric Shipton

Bron: Ufowijzer